Oorlog in het digitale tijdperk
Bij oorlog denken we aan tanks, soldaten en gevechtsvliegtuigen: beelden gevormd door decennia fysiek conflict. Maar vandaag beginnen sommige van de ernstigste aanvallen niet met verwoeste gebouwen of explosies. Ze beginnen met één bestand of stukje code.
Hoe moeten landen reageren als moderne aanvallen niet langer passen binnen traditionele ideeën over oorlogsvoering?
Wat definieert een oorlogsdaad?
Na de Tweede Wereldoorlog richtte internationaal recht zich op gewapend geweld tussen naties. Maar de cyberaanvallen, desinformatiecampagnes en verstoringen van de supply chain van vandaag kunnen ernstige schade veroorzaken zonder aan die oude definities te voldoen. Ze dagen overheden, bedrijven en burgers uit, zonder één bom of soldaat.
-
01CyberCode als wapen
Een gerichte exploit, een wiper, een ransomware-drop: alles kan kritieke infrastructuur uitschakelen zonder een grens over te steken of een schot te lossen.
-
02DesinformatieVertrouwen als doelwit
Desinformatiecampagnes destabiliseren instituties, verkiezingen en markten, en voegen nieuwe complexiteit toe waarvoor traditionele conflictkaders nooit gebouwd waren.
-
03Supply chainVerstoring op schaal
Eén gecompromitteerde leverancier kan doorwerken bij duizenden afhankelijke organisaties, waarbij legitieme updatekanalen en vertrouwensrelaties als wapen worden gebruikt.
Cyberaanvallen in de moderne oorlogsvoering
Cyberaanvallen kunnen economieën en infrastructuur lamleggen zonder fysieke verwoesting. Incidenten als NotPetya en Stuxnet tonen de ontwrichtende kracht van digitale operaties, die veel verder reiken dan het oorspronkelijke doelwit, met gevolgen die jarenlang doorwerken.
De attributie-uitdaging
Digitale aanvallers opereren in de schaduw. Natiestaten, criminele groepen, individuen, vaak met een verhulde identiteit via gelaagde infrastructuur en proxies. Overheden besteden aanvallen soms uit aan hackergroepen, wat attributie nog lastiger maakt, en beslissende reacties riskeren gebaseerd te zijn op aannames.
De groeiende rol van de industrie in de verdediging
Cyberverdediging is niet langer alleen een overheidstaak. Bedrijven detecteren en stoppen aanvallen vaak als eerste. De Microsoft Exchange-aanval van 2021 liet zien hoe onmisbaar de private sector is geworden: vandaag zijn cybersecurityproviders en MSSP's essentiële spelers in nationale weerbaarheid.
Private sector als eerste
Vendors, MSSP's en corporate SOC's zien nieuwe aanvalspatronen vaak eerder dan welke nationale CERT dan ook, omdat zij productieverkeer op schaal in de gaten houden.
Publiek-private samenwerking
Effectieve nationale weerbaarheid hangt af van het snel delen van threat intelligence over grenzen en tussen industrie en overheid heen: die spierkracht wordt nog opgebouwd.
Meer verantwoordelijkheid, meer toezicht
Naarmate de industrie meer van de verdedigingslast op zich neemt, volgt regelgeving. NIS2, DORA en nationale cyberwetten maken corporate cybersecurity een zaak van publiek belang.
Oorlogsvoering herdefiniëren in het cybertijdperk
Cyberaanvallen passen vaak niet binnen traditionele definities van oorlogsvoering, maar kunnen wel de nationale veiligheid en economie ernstig raken. Wanneer moet een digitale aanval als oorlogsdaad worden behandeld? Hoe moet internationaal recht zich ontwikkelen? Dit zijn de vragen waar wij, samen met onze klanten en de bredere industrie, over nadenken.